Ik ondergeschreve, Isacq de Vos, onderkuijper op het snaauwschip D’Eenigheijd, bekenne wel en deugdelijk schuldig te sijn aan Adriaan Hillebrand, mede op gemelte scheepe, eene somme van drieëndertich Hollandse guldens sesthien stuijvers, belovende deselve somme bij mijn arrivement in ’t vaderland bij de eerste aanmaninge te sullen voldoen en betalen, verbindende hieronder alle mijne goederen, maand- en andere gelden, op dit schip verdiend ofte op andere scheepen nog te verdienen, als na regten.
segge ƒ 33: 36 sts
Actum binnen scheepsboordt van voorn. schip D’Eenigheijd desen 9 meij 1762
[w.g.] Izaäk de Vos
Ik ondergeschreven, Jacobus Duijnkerke, bekenne wel en deugdelik schuldig te wesen aan Adriaan Hillebrand, opperkuijper op dit schip, de somma van vijf gulden en vier stuyvers, hetwelke ik beloove trou en heerlik te voldoen ofte te betalen.
Ik segge de somme van vijf guldens en vier stuijvers.
[w.g.] Jacobus Duijnkerke
Actum op het schip De Eenigheyd den 9 meij 1762


