’s Morgens en door den dag de windt ZZW labber coelte, goedt weer, cogten 30 slaven, 15 mans en 15 vrouwen, voordts ’s avondts en ’s nagts de windt ZW frisse coelte, met begin van de hondewagt vertrok ’t snaauwschip Jacoba Maria, capiteijn Davidt Sijlonimij, na beneden, voordts buijege lugt tot ’s morgens.


