’s Morgens en voormiddag meest doodtstille, met den dag zagen een zeijl in ’t NNO van ons, in de voormiddag zagen nog een zeijl in ’t NNO van ons, doodtstil, schrabden de cajuijdt en de tendt den teer en pick af, op de middag was onse gegiste gekoppelde coers en verheijdt van ’t etmaal OtZ½Z 4 mijl, komt op de gegiste NB van 6°54′ langte 4°1′, bevonden NB 6°50′, voordts namiddag- en platvoetwagt de windt W tot ZW labber lugtje, OZO aan, met zonsondergank hadden de zeijlen nog in ’t NNO van ons, voordts ’s nagts labber en stil tot ’s morgens.


