’s Morgens en voormiddag de windt van ’t N à NNO tot ZW labber coelte, ook doodtstil, hooge zee, setten ’t groot stengewandt aan stuerboord aan, op de middag was onse gegiste gekoppelde coers en verheijdt van ’t etmaal oost ¼N 10½ mijl, komt op de gegiste NB van 34°51′ langte 333°49′, namiddag stil, namen de onderblinde raa af en haalden de blinde over de vaartuijgen, met de 5 De lengte van de wachten werd aan de hand van zandlopers gemeten. Elke wacht bestond uit 8 glazen van een half uur, aangegeven door een bel.glasen cregen een labber coelte uijt ’t ZW, stuerden NOtO aan, later gemiddeldt bramzeijlcoelte, goedt weer, voordts ’s nagts de windt van ’t ZW tot ZZW van bramzeijlcoelte tot stijve gereefde marzeijlcoelte, betrokke lugt met modtregen.
Meer lezen
– de thuisreis
– het schip de Eenigheid
– wind en zeilen

